De olieproducerende landen van Opec+ hebben besloten om vanaf volgende maand de productie
op te voeren met 137.000 vaten per dag. Het grootste deel van deze verhoging wordt gedragen
door Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten, aangezien veel andere lidstaten hun
maximale capaciteit al bijna bereikt hebben.
Het besluit is opmerkelijk, omdat de alliantie hiermee het tempo van het terugdraaien van
eerdere productieverlagingen aanzienlijk versnelt. Oorspronkelijk zou de reductie van in totaal
1,65 miljoen vaten per dag pas veel later volledig worden opgeheven, maar dat gebeurt nu ruim
een jaar eerder dan gepland.
De aankondiging zorgde meteen voor een forse daling van de olieprijzen. De prijs van Brent-olie
zakte met ongeveer 3% en staat nu rond de USD 65,50 per vat. Analisten zien dit als een signaal
dat Opec+ inspeelt op zorgen over een afnemende vraag, mede door de economische vertraging
in de Verenigde Staten en China.
Vooral Saudi-Arabië lijkt te zoeken naar een evenwicht: enerzijds het behoud van marktaandeel,
anderzijds het vermijden van te hoge prijzen die de wereldeconomie verder zouden kunnen
verzwakken. De beslissing kan daarnaast politieke gevolgen hebben, omdat olieprijzen directe
invloed hebben op inflatie en energiezekerheid in veel landen.
Hoewel de verhoging plaatsvindt in een periode van oplopende geopolitieke spanningen,
benadrukken waarnemers dat de keuze vooral economisch gemotiveerd is. Door de productie
sneller te verhogen, wil Opec+ meer stabiliteit op de olie- en energiemarkt brengen, al kan dit
ook leiden tot druk op de inkomsten van olie-exporterende landen.
