Bij de herdenking van de staatsgreep van 25 februari 1980 benadrukten Laurens Neede en
Ramon Abrahams dat de militairen destijds geen andere keuze hadden. Volgens hen had de
toenmalige regering de situatie kunnen voorkomen als er anders was gehandeld. Tijdens de
plechtigheid werd stilgestaan bij de gebeurtenissen uit de jaren tachtig, die diepe sporen hebben
nagelaten in de samenleving.
Jennifer Geerlings-Simons, voorzitter van de Nationale Democratische Partij (NDP), erkende dat
er nog veel werk te verrichten is om de oorspronkelijke doelen van de revolutie te bereiken. Ze
wees erop dat de gebeurtenissen uit die periode een blijvende kloof binnen de samenleving
hebben veroorzaakt. Simons riep op tot vergeving, zonder het verleden te vergeten, en
benadrukte de noodzaak van samenwerking om vooruitgang te boeken
In haar toespraak stelde Simons dat de NDP, voortgekomen uit de Stanvaste Beweging, haar
idealen nog steeds moet verwezenlijken. Dit vereist volgens haar een doeltreffende aanpak en
hard werk om welvaart, welzijn en saamhorigheid in de samenleving te bevorderen. Ze
benadrukte het belang van een gezamenlijke visie voor toekomstige generaties, waarbij eenheid,
vrede en liefde centraal staan.
Tijdens de ceremonie legden Ingrid Bouterse-Waldring en haar dochter Jen-ai de eerste krans ter
nagedachtenis aan de slachtoffers van de turbulente periode. In zijn toespraak droeg Ramon
Abrahams zijn woorden op aan Desi Bouterse, die destijds de leider van de revolutie was. Hij
prees Bouterse als een revolutionair die zijn leven wijdde aan Suriname en sprak over de
successen die zijn behaald, maar erkende dat er nog een lange weg te gaan is.
Abrahams waarschuwde voor de gevaren van verdeeldheid en sprak zich fel uit tegen
rekolonisatie. Hij riep op om de keuze te maken voor Suriname, in lijn met Bouterse’s bekende
woorden: “Kies voor je land.” Volgens Abrahams is nationale eenheid essentieel om vooruitgang
te waarborgen en mag het volk zich niet laten verdelen.
De plechtigheid werd voorafgegaan door gebeden van diverse geestelijken voor het land en haar
inwoners. Het ontsteken van de ‘revo-vlam’ door Oswald Doesburg en Ingrid Bouterse-Waldring
vormde een symbolisch moment, gevolgd door het leggen van kransen als eerbetoon aan
degenen die hun leven hebben gegeven voor de idealen van de revolutie.